BOEKEN
Het lukt me maar niet om door te lezen in boeken waarin ik ben begonnen. Op de een of andere manier heb ik moeite een boek voor langer dan een paar minuten op te pakken, zelfs als het onderwerp of het boek me wel degelijk aanspreekt. Misschien juist dan: omdat ik geen zin heb een interessant boek te lezen zonder er iets van op te steken, laat ik het liever liggen dan dat ik halverwege het boek niks wijzer ben geworden.
Een boekje dat ik in de afgelopen weken wel heb kunnen uitlezen, is Henk, Ingrid en Alexander, van Alexander Pechtold. Daarin interviewt hij mensen die bij de vorige verkiezingen op de PVV hebben gestemd en probeert te achterhalen waarom ze dat gedaan hebben en of ze dat weer zouden doen. Uit het feit dat ik het heb uitgelezen kan al worden afgeleid, dat het geheel weinig om het lijf heeft. Mensen zijn ontevreden over de politiek en stemmen daarom op de PVV en specifiek op de Grote Blonde Roerganger. Dat is geen nieuws, dus het boekje had net zo goed niet geschreven kunnen worden.
Of de interviews in het boekje integraal zijn overgenomen of dat het selecties zijn weet ik niet, maar van mij hadden al die complimentjes aan het adres van Pechtold niet in het boekje gehoeven. Iedereen lijkt wel een uitzondering voor hem te maken, als ze het hebben over politici. Al dat “maar jij doet het goed” of “jou mag ik wel” of “jouw debatten zijn interessant” gaat toch een beetje vervelen, want het gaat ineens niet meer over waarom mensen PVV stemmen, maar dat mensen eigenlijk D66 zouden moeten stemmen.
Laatst liep ik toevallig in de Selexyz in Utrecht, waar Pechtold vertelde dat hij de smaak te pakken had en meer wilde schrijven. Van mij mag hij, maar ik ben niet zo geïnteresseerd in wat hij verder te melden heeft.
FILMS
Minder lezen laat meer tijd over voor andere dingen, bijvoorbeeld films kijken. Zo heb ik laatst twee leuke animatiefilms van Dreamworks gekeken: Bee movie en Barnyard. Kinderfilms over dieren zijn niet alleen vaak erg grappig, maar ook erg interessant omdat ze iets laten zien over de relatie tussen mens en dier. Al is het alleen maar als je ziet dat alle dieren op de boerderij van Barnyard praten, dansen en zingen, maar ook dat ze vissen vangen. Blijkbaar behoren die toch tot een andere categorie.
Bee movie
Bee movie is een grappige film over een bij die de veilige korf verlaat, op avontuur gaat en vriendschap sluit met een mens. Zij heeft een bloemenwinkel en zo wordt duidelijk dat bijen nodig zijn voor de bestuiving van bloemen. Je ziet hoe mensen angstig en agressief reageren op bijen en hoe de honing wordt geëxploiteerd door imkers in grote rijen met kassen, afgebeeld als fabriekjes waarin bijen versuft en vervreemd van de buitenwereld leven. In de film spant de bij een rechtzaak tegen het honingbedrijf aan en wint. Zo lijkt het een film die de kijker ervan bewust maakt dat gebruik van honing slecht is, omdat bijen ervoor ge- en misbruikt worden.
Omdat de bijen nu blijkbaar zo veel honing hebben dat ze het niet meer hoeven te maken, stoppen ze met nectar verzamelen en bloemen bestuiven, waardoor de hele wereld verdort en er geen bloemen meer bloeien. Zo laat de film de grote impact zien die bijen op de wereld hebben en hoe groot de gevolgen kunnen zijn als bijen hun werk niet meer kunnen doen. In werkelijkheid lopen we dat gevaar ook, maar dan door massale bijensterfte en niet door bijenluiheid. Nu eindigt de film met de dubieuze moraal dat we vooral veel honing moeten kopen, omdat bijen dan (en blijkbaar alleen dan) nectar blijven verzamelen, en dat we in vredige samenwerking met bijen leven: zij verzamelen nectar, maken honing, bestuiven bloemen en wij … gebruiken honing en bloemen voor onze consumptie
Barnyard.
Barnyard is eigenljik meer een komische film over hoe dieren praten en feesten als er geen mensen in de buurt zijn, maar ook over vriendschap, trouw en verantwoordelijkheid voor elkaar in het leven, met name voor Stier Otis, wiens adoptievader sterft bij het beschermen van de kippenren tegen coyotes. Een soort coming of age verhaal in een komische tekenfilmverpakking, zeg maar.
Ongeveer halverwege, rond minuut 40, komt de boer echter de stal in en wordt hij tegen het hoofd geschopt, omdat hij gezien heeft dat de dieren blijkbaar een verborgen leven hebben. Als de dieren discussiëren over wat er met de boer moet gebeuren—we moeten ‘m mollen!—wordt gezegd dat de boer altijd goed voor ze is geweest, want hij is veganist! Vervolgens wordt uitgelegd wat dat precies betekent. Omdat veganisme bij veel mensen eigenlijk niet precies bekend is, vind ik het leuk om te zien hoe de kijker ermee bekend gemaakt wordt—ook al heeft het varken een beetje een vreemde inbreng.
Bull: “The farmer’s a good guy, he’s been good to us.”
Donkey: “He’s a vegan, God bless him.”
Pig: “And what is a vegan, again?”
Mouse: “It means you can’t eat anything with a face.”
Rooster: “No no, that’s a vegetarian.”
Pig: “Vegetarians have to eat in the dark, right?”
Dog: “That’s a vampire, come on!”
Mouse: “You can’t eat cheese?”
Cow: “It’s not just cheese. Vegans can’t have any dairy products.”
Bull: “Cake?”
[?]: “Cake has egg products. But you can’t have any dairy.
Weasel: “No dairy? I love dairy. Does that mean I can’t be a vegan?”
Pig: “I love the smell of bacon. There, I said it.”
BOEKEN
Zo, het is eruit! Spek ruikt lekker en animatiefilms zijn leuk en leerzaam om te kijken, ofzo. Misschien wordt het weer eens hoog tijd om een goed boek te gaan lezen.
Every time I open the curtains (which, admittedly, is exceedingly rare, as I try to keep the heat in and cold out), I take a step back in surprise: where I expect a wide array of colors outside, instead there lies a white winterscape so rarely available to Dutch eyes.








