Fourscore and Seven Books

Fourscore and Seven Books

van boeken en beesten, god en geschiedenis

  • Better World Books
  • De Slegte
  • Lincoln Book Shop
  • Partij voor de Dieren
  • Twitter
  • Home
  • Books
  • About me
  • Contact
  • Links

Marius de Geus en de zoektocht naar een duurzame partij

Posted in politics by Herman1850
Jan 01 2013
TrackBack Address.

Vandaag las ik een interessant interview-artikel met politiek filosoof Marius de Geus in de Trouw, over duurzaamheid in de politiek.

De Geus zegde zijn lidmaatschap van Groenlinks op, toen Femke Halsema een “ideologische ruïne” van de partij maakte. Met de weg die Groenlinks heeft ingeslagen, trekt hij de conclusie dat groene politiek geen toekomst meer heeft in Nederland.

Er worden vergelijkingen getrokken met Duitsland en België, waar partijen wel degelijk bezig zijn met een “diepgaand debat over ecologische ideeën” en een “duurzame, verantwoorde economie,” een diepgang die ontbreekt in Nederland. De Geus filosofeert over hoe je mensen kunt vertellen dat onze huidige levensstijl niet oneindig zonder gevolgen kan worden voortgezet. Hij “durf[t] best te zeggen dat het naïef is om te denken dat je klimaatproblemen kunt oplossen zonder dat het pijn doet,” maar dat lijkt voor Groenlinks niet zo te zijn: “GroenLinks moet ook duidelijker zijn tegenover de kiezer,” vindt hij. “Eerlijk zeggen: de huidige economische groei kan niet onbeperkt doorgaan. En als u kiest voor GroenLinks, dan kiest u voor een partij die dat vindt en daar de consequenties uit trekt.”

Ook de volgende uitspraak vond ik opvallend: “Als er één groep kiezers worstelt met hoe je moet leven volgens je idealen dan zijn zij het.” Weer doelt de filosoof op Groenlinksers.

Nou weet ik nog wel een aardige partij voor Marius de Geus. Het antwoord op zijn problemen met de partij staarde hem de afgelopen verkiezingen recht in het gezicht, vanaf de campagneposters. “Houd vast aan je idealen,” stond er te lezen. Het was niet zijn geliefde Groenlinks dat opriep tot economische matiging en het ideaal van duurzaamheid, dat durfde uit te spreken dat herbezinning nodig was voor de toekomst. Nee, het was de partij die meer dan eens genegeerd wordt door mensen van Groenlinks.

Ik raad meneer De Geus aan om eens het partijprogramma van de Partij voor de Dieren te lezen. Misschien wordt hij daardoor aangenaam verrast—door de klare taal, het lef, het feit dat al die dingen die hij zo mist bij Groenlinks wel degelijk te vinden zijn in de huidige politiek. Hij zal zien dat de groene politiek zeker een toekomst heeft in Nederland. Daarvoor hoef je alleen maar Partij voor de Dieren te stemmen.

Je bent van harte welkom, Marius!

En als je nu lid wordt, krijg je er meteen een leuk cadeautje bij: [klik hier voor lidmaatschap]

 

No Comments yet »

Schets van een avondje Fresco

Posted in food, Life, Philosophy, politics by Herman1850
Dec 25 2012
TrackBack Address.

Een avondje Fresco

Louise Fresco zou maandag 17 December naar Groningen komen om in debat te gaan met twee recensenten, te weten Jan Willem Erisman (directeur van het Louis Bolk Instituut dat advies geeft ter bevordering van duurzame landbouw, voeding en gezondheid) en Paul Struik (hoofdauteur van het pleidooi dat voorzitter van de raad van bestuur van de universiteit Wageningen Aalt Dijkhuizen niet namens hem en een aantal collega’s sprak.)

Daar wilde ik vanzelfsprekend bij zijn, want ik ben erg geïnteresseerd in duurzameheid en de rol die (plantaardig) eten daarin speelt. Bovendien is Fresco een van de prominenten in het duurzaamheidsdebat en is ze regelmatig op TV om commentaar te geven over de milieu(on)vriendelijkheid van biologisch voedsel, over gigakippenstallen die met Nederlandse middelen in Oekraïne worden gesteund of simpelweg om haar boek Hamburgers in het paradijs, dat over landbouwontwikkeling en voedseloverschot en –schaarste gaat, te promoten. Dat de zelfverklaarde nuance van Fresco voorzien zou worden van commentaar en kanttekeningen leek me dan ook erg interessant.

Deze avond, georganiseerd door het Groninger Forum/Images liep echter iets anders dan voorzien. Voor de  volgelopen zaal begon hij namelijk met de mededeling dat de twee recensenten om “communicatieve redenen” redenen niet waren gekomen. Over wat dat precies inhield wilde de presentator niet uitwijden; het was nu eenmaal niet anders en er viel niks meer aan te doen. Ze hadden de afweging gemaakt tussen twee opties, verplaatsen of de avond laten doorgaan, en gekozen voor het laatste omdat de meeste mensen waarschijnlijk toch voor Louise Fresco waren gekomen. Toen een man in het publiek opstond om te zeggen dat hij er toch wel speciaal was voor het debat, haalde de presentator de schouders op en gaf de man te kennen dat niemand hem tegen zou houden als hij weg wilde. De man ging beduusd zitten en ik was zelf te bedeesd om op te staan en hem gelijk te geven.

Hamburgers in het Paradijs

“Weinig onderwerpen brengen zo veel emoties met zich mee als eten.”  Met die zin begon Louise Fresco haar lezing van ongeveer drie kwartier en zette ze de toon voor wat een bewogen avondje beloofde te worden. Eten en voedsel zijn noodzakelijk voor ons bestaan, wat we eten is onderdeel van onze cultuur en heeft daarbij een morele lading: met de productie zijn het milieu, grondstoffen, natuur, dieren en mensen gemoeid. Al deze factoren schuilen achter onze gang naar de supermarkt, maar de meeste mensen vinden zo’n (morele) lading alleen maar lastig. Eten is boven alles misschien wel gewoonte—en als je daar aan komt, roept dat weerstand op. Ik kan het weten, want als veganist confronteer je mensen—al dan niet in een actieve rol—met de morele kant van hun gewoonte.

Fresco had haar lezing verder opgebouwd aan de hand van de titel van haar boek, die in zijn volledigheid Hamburgers in het paradijs: voedsel in tijden van schaarste en overvloed luidt.

De hamburger is gekozen omdat het een voedselicoon is dat de wereld in allerlei vormen heeft veroverd. We kregen twee vragen voorgeschoteld over wat wij dachten van hamburgers: of ze slecht waren voor de gezondheid (een duidelijke meerderheid dacht van wel) en voor het milieu (een iets minder duidelijke meerderheid dacht van niet). Vervolgens legde Fresco uit dat, wat gezondheid betreft, de hamburger sinds de begindagen enorm ontwikkeld is (hij is minder vet, wordt anders gebakken en belegd met blaadjes sla en groente) en dat hij met mate gewoon gegeten kan worden. Als het gaat om het milieu is de hamburger zeker niet slecht, beweerde ze, omdat hij gemaakt is van de restjes van het rund die nergens anders voor gebruikt worden.

Het paradijs uit de titel verwijst naar wat Fresco veel ziet in mensen onze samenleving op het gebied van voedsel: de creatie van een nostalgie naar een verleden dat nooit heeft bestaan, waarin alles ambachtelijk en ontspannen was, waarin de natuur simpelweg gaf wat mensen nodig hadden, waarin koeien ronddartelden in de wei en waarin stront niet stonk. Je zou het ook een soort utopisering van de natuur kunnen noemen, een projectie van een ideale toekomst waar, vrij naar Openbaring 21:4, geen dood is, geen rouw, geen jammerklant, geen moeite en geen pijn. Dat het allemaal niet zo was illustreerde ze door simpelweg te stellen dat de was vroeger in koud water gedaan werd met de hand en met een eenvoudige statistiek: slechts één op de drie mensen werd een eeuw geleden ouder dan 40.* Juist de technologische vooruitgang die zo verguisd wordt in het paradijselijke beeld, heeft ervoor gezorgd dat we ons nu druk kunnen maken over wat we eten.

Het grootste deel van onze evolutionaire ontwikkeling hebben we geleefd in schaarste. Als je uitgaat dat de Homo Sapiens ongeveer 200.000 jaar bestaat en dat hominiden er al ruim 2 miljoen jaar zijn, dan is het zeer recent dat de mens enige controle heeft gekregen over zijn voedselvoorziening. Met de eerste Agrarische Revolutie, zo’n 10.000 jaar geleden, namelijk de ontwikkeling van de landbouw, creëerde de mens genoeg voedsel voor zichzelf om een deel van de groep andere dingen te laten doen, wat grote gevolgen had voor de ontwikkeling van cultuur. De volgende grote revolutie die Fresco noemde, was de Industriële Revolutie, waarin technologie voor veel effectievere manieren zorgde om het land te bewerken en voedsel te oogsten. De laatste revolutie was die van kunstmest en intensivering van opbrengst per hectare.

Deze laatste ontwikkelingen hebben er in de tweede helft van de twintigste eeuw voor gezorgd dat er wereldwijd overvloed genoten wordt of genoten kan worden als het gaat om eten (en als dat niet het geval is, ligt dat niet aan het eten maar aan logistieke en politieke problemen ter plekke). Een groeiende hoeveelheid en variatie aan eten wordt steeds makkelijker beschikbaar. Het heden van Fresco’s visie is, als het voedsel betreft, veiliger, gezonder en gevarieerder dan ooit.

Kanttekeningen

Ze plaatste daar zelf enkele kanttekeningen bij. Zo legde ze uit dat, door de lange periode van schaarste in de menselijke evolutie, de menselijke fysiek niet gewend is aan overvloed en dat het juist is ingesteld op het opnemen van zo veel mogelijk voedsel en energie voor het volgende moment van schaarste. Bovendien zoekt het lichaam vet en suikers: brandstoffen voor het lichaam. Dus geef iemand een grotere portie—grotere bekers met frisdrank, grotere zakken chips of snoep, grotere stukken vlees—en hij zal dooreten tot het op is, niet tot hij genoeg heeft gehad. Het is geen wonder, volgens Fresco, dat de mens zo veel moeite heeft met diëten; het lichaam is niet ingesteld op minder, maar juist meer.

Ook noemde Fresco het groeiende aantal mensen dat steeds meer vertrouwen stelt in steeds minder mensen voor hun voedselproductie. We lopen simpelweg naar de supermarkt, waar we fruit en groente en voedingsmiddelen uit de hele wereld kunnen vinden. Omdat dat voedsel overal vandaan moet komen en de connectie van mensen met hun eten indirecter wordt, raken mensen het overzicht kwijt en maken ze zich ook steeds meer zorgen. Er is immers zo veel dat mis kan gaan. Terloops noemde Fresco enkele voorbeelden uit het recente verleden waar mensen zich druk om maakten, uitbraken van virussen en ziektes—EHEC, BSE, Q-koorts—zonder daar de connectie te noemen met de intensieve veehouderij.

Vanzelfsprekend leent een praatje van minder dan een uur zich niet voor uitputtendheid, maar de schaduwkant van de lofzang op het hedendaagse voedsel bleef toch erg onderbelicht. Niet alleen de hoeveelheden kunstmatige toevoegingen aan het supermarkteten van vandaag de dag, de stralingsrisico’s van magnetrons of hart-en-vaatziekten en obesitas, maar ook iets simpels als variatievermindering kwamen er bekaaid vanaf. Hoe veel groenten en fruit er ook verkrijgbaar zijn in elke supermarkt, er zijn ook lokale groentes die in de vergetelheid zijn geraakt. Zelf ben ik geen kenner, maar als voorbeelden van vergeten groenten worden op internet wel genoemd: de koolrabi, pastinaak, de aardpeer, koolraap, schorseneer,  winterpostelein of raapstelen, snijbiet of zuring. Ook dat is een variatie en die is ontegenzeggelijk afgenomen.

Discussie

Misschien hadden dergelijke en meer kanttekeningen uitgediept kunnen worden gepresenteerd door de aanvankelijk geboekte recensenten. In hun afwezigheid was Dirk Strijker, landbouweconoom aan de Rijksuniversiteit Groningen, gevraagd om in gesprek te gaan met Fresco. Hoewel hij erg zijn best deed om haar woorden kritisch te wegen, ontbrak de scherpte die vooraf toch werd verwacht van de namen op de aankondiging. Deze econoom was het in grote lijnen eens met wat Fresco had verteld.

Het was dus aan het publiek om kritische vragen te stellen. Er was een boerin die vertelde dat er meer dan ooit aan dierenwelzijn werd gedaan, wat een klein heen-en-weer opleverde met Dirk Strijker en debatleider Hans Harbers, die zelf was opgegroeid als zoon van een melkveehouder. Melkkoeien werden in het verleden nog wel eens een jaar of tien, waar ze nu na drie jaar versleten zijn. Dat maakt het op een matje kunnen liggen voor een koe niet per definitie diervriendelijker.** Verder was er een opmerking over lokale initiatieven die duurzaamheid door een gesloten kringloopwerking proberen te bewerkstelligen, maar Fresco bracht daar tegenin dat je daar maar weinig monden mee kunt voeden.

De meeste discussie kwam echter voort uit bezorgde en kritische vragen met betrekking tot genetische manipulatie (of het minder controversieel klinkende “modificatie,”  zoals Fresco het prefereerde) en de grootte van bedrijven die bijna groter worden dan landen en hun groeiende invloed. Dit was een goede illustratie van het groeiende wantrouwen door onoverzichtelijkheid, dat Fresco zelf al had aangestipt. Met betrekking tot genetische modificatie legde Fresco uit dat het zijn oorsprong had in de eeuwenlange veredeling van gewassen en dat daar dus weinig tegen kon zijn, hoewel ze wel een onderscheid maakte tussen plantveredeling om ze resistent te maken tegen ziektes of parasieten en het implanteren van visgenen in een aardbei om deze vorstresistent te maken. Hoe dat onderscheid helder gemaakt kon worden, was echter niet duidelijk.

In relatie tot de enorme bedrijven als Monsanto zei ze dat juist de grote bedrijven makkelijker te controleren zijn en dat deze zich geen misstappen kunnen veroorloven. In een open medialandschap als het internet wordt, zo noemde ze als voorbeeld, eenvoudig een filmpje op youtube gezet van Nike dat gebruikt maakt van kinderarbeid en dan straft de consument het direct af. Fresco maakte zich eerder zorgen om de kleine bedrijven, die veel minder overzichtelijk zijn en waar minder toezicht mogelijk is.

Liberaal wensdenken

Een dergelijke controle door het individu  als consument lijkt verdacht veel op liberaal wensdenken: dat de markt al het goede uitzeeft omdat het moet voldoen aan de wensen van degene aan wie het levert, een soort utopisch vertrouwen in de regulierende werking van de markt (Cf. Achterhuis, Utopie van de vrije markt) dat mijns inziens misplaatst is.

De bedrijven zijn immers zo groot en verweven, dat verantwoordelijkheid nauwelijks is toe te wijzen en steeds wordt doorgeschoven; of verantwoordelijkheid wordt zogenaamd genomen, door te zeggen dat er kwaliteitscontrole wordt uitgevoerd. Dat heeft tot gevolg dat de controle moet worden gecontroleerd en áls er iets mis gaat, de controle aansprakelijk kan worden gesteld en niet het bedrijfsbeleid. Alles wordt nauwkeurig uitgedacht en weggesluisd. Verder zijn de politieke en financiële invloed—door lobby en donaties, het kopen van aandacht, maar ook de economische belangen—dusdanig groot, dat echte verantwoording ontlopen wordt. Met de bedrijven is immers economische welvaart en werkgelegenheid gepaard.

Dat Fresco zelf “non-executive director” bij Unilever is, maar dat niet ziet als een verstrengeling van haar belangen in de (duurzame) voedseldiscussie, is veelzeggend. Mocht Unilever over de schreef gaan en gestraft worden, dan vraag ik me af welke gevolgen dat zou hebben van deze controlerende directeur, of zij degene is die blijft of die gaat in zo’n situatie. Is zij, kortom, verantwoordelijk te stellen of niet. Zelf wuift ze enig idee van belangenverstrengeling weg, maar zou iemand lid zijn van een beweging met andere doelstellingen of belangen binnen een discussie, dan wordt niet getwijfeld aan vertroebeling van de meningsvorming; die persoon zou idealisme en vertekening verweten worden.

In de kern legt Fresco de verantwoordelijkheid voor de morele kant van het voedsel bij de consument en niet bij het bedrijf. De laatste zal bij een dergelijke non-regulatie doen waarmee het kan wegkomen zonder consequenties (in de vorm van bijvoorbeeld een straf of reprimande); het zal zo ver mogelijk gaan om winst te maken. Daarin kan het zich amoreel opstellen en immoreel handelen, zolang het niet gecorrigeerd wordt door de (voedsel) kopende burger.

Massa’s informatie voor de ongeïnteresseerde massa

De werking van een enkel youtubeclipje, dat volgens Fresco effectief zou kunnen zijn, valt volgens mij flink tegen. Mensen kopen na het zien van een kritisch filmpje over de Albert Heijn niet ineens minder bonusartikelen. Daarvoor is de portemonnee voor mensen te belangrijk en zijn de reclames van de AH zelf te prominent en te goed gewaardeerd. Om nog maar te zwijgen over de werking van Monsanto, waar hele documentaires over zijn verschenen maar waar Fresco nog steeds luchtig over doet. De schadelijke werking van genetisch gemanipuleerde granen is immers niet aangetoond. (“Let op hoe ik het formuleer,” benadrukte ze: “ik zeg niet dat is aangetoond dat ze niet schadelijk zijn.”) Toch zijn ook daar filmpjes over op youtube. Ook over hoe maïs inmiddels overal in zit verwerkt en hoe je er niet meer aan ontkomt is een documentaire gemaakt: King Corn.*** Fresco verwacht dat de consument constant op zijn hoede is en zich te allen tijde bewust is van alle bedrijven waarvan hij aankopen doet, zonder zelf de ontwikkelingen die worden aangekaart in bovenstaande documentaires relevant of noemenswaardig te vinden (Monsanto wordt niet eens genoemd in de index van haar boek).

Bovendien wordt het internet overstroomd met miljoenen filmpjes en weblogs die elkaar tegenspreken en waaruit vaak niet goed af te leiden is hoe betrouwbaar de informatie is. Ook het filteren van de juiste of relevante informatie wordt aan de consument gelaten. Gesteld dat de burger daar al toe in staat zou zijn, dan heeft hij daar helemaal geen zin in. Fresco verwoordde in haar eerdere boek,  Nieuwe Spijswetten (2006, p16.), een stuk pessimistischer, zelfs bijna cynisch, dat

“men geen idee heeft over waar voedsel vandaan komt, wat erin zit en hoe het op tafel komt. [...] Het neemt absurde vormen aan als het om voedsel en landbouw gaat. Dan is het niet meer achteloosheid, maar een bewust verdringen van onaangename details. De meeste mensen willen niets weten van de transformatie die een kip heeft ondergaan voor hij [sic] als kipnugget op hun bord belandt. Dit is niets anders dan magisch denken, waardoor het eindproduct niet meer in verband hoeft te worden gebracht met de grondstof en zijn transformatie. Bespaar ons de details! Dit is denk ik de reden waarom ecologische of biologische producten zo moeilijk aanslaan: de gemiddelde consument wil helemaal niet weten waar iets vandaan komt en hoe het geproduceerd wordt. Het enige etiket dat hij of zij leest is het prijskaartje.”

Dus haar optimisme over het in toom houden van bedrijven is ook volgens zichzelf, in elk geval een paar jaar geleden nog, mistplaatst en onterecht. Gelooft zij plots dat burgers geen oogkleppen meer dragen en dat ze zich nu wel informeren, dat ze zich wat aantrekken van filmpjes op youtube en hun gedrag aanpassen, om een multinationaal bedrijf als Monsanto te corrigeren?

Als ik mag afgaan op deze lezing niet; Fresco beticht de mensen in haar nieuwe boek veeleer van een nieuw “magisch denken,” namelijk dat eten voortkomt of kan komen uit een imaginair paradijs, een soort schenkende natuur waaruit fruit en vlees perfect verpakt in de supermarktschappen verschijnen; dat eten geen pijn kost en geen ziekte met zich meebrengt. In die illusie willen mensen helemaal niet gestoord worden.

Veganisme en moraliteit

Intussen krijgen de mensen die wel (bijna) alle etiketten lezen, de veganisten, nauwelijks aandacht in het “magnum opus” van Fresco: één enkele pagina in een ruim 500 bladzijden tellend boek is niet veel—en dan gaat het over de voedingsstoffen die ze moeizaam binnenkrijgen. Juist degenen die mensen wijzen op een problematische, morele kant van consumptie vinden vaak weerstand en illustreren het gelijk van Fresco’s eerdere woorden. Die morele kant is voor Fresco een individuele kwestie: mensen moeten zelf de afweging maken of ze iets wel of niet in orde vinden. Ze heeft het zelf ook voornamelijk over technologie, voeding, vooruitgang  en variatie, maar laat het leed van miljoenen dieren ongenoemd. Tussen neus en lippen door versta je nog net dat de toekomst beter zo veel mogelijk vegetarisch of plantaardig is, maar ze verkondigt ook vrolijk dat ze in de nabije toekomst zeker nog een hamburger van McDonald’s gaat eten.

De maatschappij is echter een collectieve neerslag van bepaalde gedeelde morele keuzes. De overheid, als machtsorgaan, ziet toe dat men zich aan morele regels houdt. Dan is het geen individuele kwestie of keuze, maar een algemene regel. Als het om mensen ging en niet om dieren, zou ze waarschijnlijk niet zo lichtzinnig gesproken hebben. Misschien was het anders als daar youtubefilmpjes over verschenen. Of als mensen zich daar werkelijk iets van aantrokken.

De moeite waard

In een kritische beschouwing wil het nog wel eens gebeuren dat de positieve kant van het verhaal naar de achtergrond verdwijnt. De bovenstaande kanttekeningen neem ik wel degelijk serieus, want het zijn geen onbelangrijke kleinigheden. Het is onderdeel van het kritisch consument zijn om je bij elke lezing of elke documentaire af te vragen of het verhaal dat je hoort wel klopt.**** In dat licht is het zeker jammer dat beide recensenten er niet waren, om het publiek te assisteren.

Toch heb ik me tegelijkertijd goed vermaakt op deze maandagavond. Het was een erg leerzame lezing en in wat ze vertelde en de reacties die ze gaf toonde Louise Fresco dat ze erudiet en welbespraakt is. De informatie die ze gaf, het inzicht dat ze verschafte over verschillende ontwikkelingen—de evolutie van mens en van gewasveredeling, maar ook over de oprukkende genetische modificatie in landen als China—boeide me enorm en het heeft me sindsdien niet meer losgelaten.

Ik heb A4tjes volgeklad met aantekeningen om mijn gedachten te ordenen en deze weblog getypt als neerslag van die ordening. Mijn zin om Fresco’s boeken te lezen is na vorige week niet geslonken maar gegroeid. In een lezing van 45 minuten kun je immers geen 500 pagina’s aan details en jaren aan onderzoek proppen; je kunt hoogstens de luisteraar prikkelen om verder te onderzoeken en informatie in te winnen. Dat is zeker gelukt en ik ben blij dat ik naar de lezing ben geweest. Het was zeer de moeite waard en het is het waard om moeite te doen.

- – - noten – - -

* Dat is overigens niet alleen te wijten aan meer, gevarieerder en beter voedsel, maar veeleer aan verbeterde hygiëne en medische kennis.

** Het is interessant om te zien hoe veel mensen van een eerdere generatie nog dochter of zoon van een boer zijn en dat hun beleving van het boerenbedrijf altijd veel kleinschaliger is dan de huidige generatie. Toch wordt het boerenbedrijf, zoals goed te zien is aan een programma als Boer zoekt Vrouw, nog steeds verheerlijkt als iets utopisch en heerlijks, als één met de natuur.

*** Saillant detail is, dat je ook niet meer ontkomt aan Monsanto’s genetisch gemanipuleerde graan omdat zaadverspreiding zich niets aantrekt van prikkeldraad om aangrenzende velden. De rechter heeft zich erover uitgesproken en heeft bepaald dat ook boeren die bewust geen genetisch gemodificeerd graan willen planten, maar omringd worden door velden waar wel zaaigoed van Monsanto wordt gebruikt, het bedrijf moeten betalen omdat ze niet kunnen garanderen dat er geen zaaigoed op hun land terecht is gekomen.

**** Daar heeft Fresco wel degelijk gelijk in, al denk ik ook dat de meeste burgers daartoe helemaal niet in staat zijn—niet omdat ze dom zijn, maar omdat ze te weinig informatie hebben en er te veel informatie is.

No Comments yet »

Ieder leed dat je verzacht is relevant voor degene wiens leed het is

Posted in animals, News, Philosophy, politics by Herman1850
Dec 16 2012
TrackBack Address.

Via twitter kwam ik een column tegen, als reactie op de ophef rondom de aangespoelde en inmiddels overleden bultrugwalvis. Hier volgt de kern van het stukje.

De laatste populatieschatting van de bultrug komt uit op een aantal van 60.000 [...] Dat is een mooi aantal voor een groot zeezoogdier en [...] geen reden tot zorg (voor uitsterven).

Van die gezonde populatie van 60.000 bultruggen gaan er ook exemplaren dood. Zo gaat dat. Ze sterven van ouderdom, aan ziekten, door ongelukken, noem maar op. Ze blazen kun laatste adem uit en zinken naar de zeebodem, waar de kadavers een rijk substraat vormen voor ander leven. Niemand ziet dat, niemand vindt dat zielig.

[...]

Wanneer een walvis voor de ogen van mensen en televisiecamera’s sterft, ontstaat de drang om te helpen, om in te grijpen [...] Met emotie als belangrijkste drijfveer wordt er met man en macht aan het 20.000 kilo zware dier getrokken, in de hoop dat hij weer doorzwemt. En dan? [...] de kans is groot dat het zieke, verzwakte dier alsnog sterft, opnieuw aanspoelt of naar de zeebodem zinkt. [...] In het laatste geval ziet niemand dat, en vindt niemand het zielig.

[...]
Ze waren beter af geweest als ze met rust gelaten waren.

Meteen vond ik het een onzinstuk. Zo’n relativerende column waarin iemand eigenlijk zegt dat we ons niet zo druk moeten maken, dat onze emoties weer eens zijn aangezwengeld door de media(-aandacht) en dat het allemaal overtrokken is. “In het laatste geval ziet niemand dat, en [sic] vindt niemand het zielig,” schrijft meneer, alsof de media-aandacht vervelend is en niet het leed.

Stel dat je zoiets zegt over medemensen: er zijn er genoeg van en het is geen bedreigde soort, het is natuurlijk om ze te laten doodgaan, dus laat ze maar lekker met rust. Als je het maar niet ziet, dan is het niet zielig; als je het wel zielig vindt als je het ziet, is dat overdreven emotioneel.

De column illustreert volgens mij wat er vaak mis gaat: we plaatsen menselijke en dierlijke belangen op een heel ander niveau.* Waarom vinden we het prima om een dier te laten sterven, waar we ons volledig zouden inzetten om een mens te redden? Waarom denken wij dat een Orka, die vele kilometers per dag zwemt in de oceanen van de wereld, zich prima zal vermaken in een zwembadje van 50×50 meter?

Zo had Orka Morgan (bijvoorbeeld) opgevangen kunnen worden in een semi-natuurlijke omgeving, had men in de tijd van herstel de familie kunnen traceren en op den duur voor hereniging kunnen zorgen. Zo had de bultrug ook betrekkelijk eenvoudig gered kunnen worden bij hoger tij en met geschikt materieel, in plaats van direct te denken in een vroegtijdige beëindiging van het leven om het leed te beperken.

Als mensen zeggen dat dat te veel moeite is voor enkele gevallen en dat er veel meer dieren omkomen in de natuur, dan denk ik twee dingen: we doen onze stinkende best ook voor medemensen die in ons blikveld vallen—dat vinden we goed en juist om te doen, uit mededogen en ethische overweging. Als er dan columns geschreven worden, is dat om ons beklag te doen over het feit dat er medemensen zijn die buiten ons blikveld vallen.

De tweede gedachte is tegelijkertijd een troostende en één van strijdbaarheid. Soms lees je namelijk van mensen dat ze moedeloos worden van zo veel leed om zich heen, van de druppel op de gloeiende plaat die hun werk lijkt te zijn. Maar ieder leed dat je verzacht is relevant voor degene wiens leed het is en ieder leven dat je verbetert is er één. Ja, de wereld mag dan te groot zijn om te redden, geen individu is te klein om je voor in te zetten. Ook al is hij nog zo groot.

 

And I came upon a doctor
Who appeared in quite poor health
I said, “There’s nothing I can do for you
You can’t do for yourself”
He said, “Oh, yes you can, just hold my hand
I think that that would help”
So I sat with him a while
And I asked him how he felt
He said, “I think I’m cured
No, in fact I’m sure of it
Thank you stranger
For your theraputic smile”

~Bright Eyes, “Bowl of Oranges”

- – -
*Daarmee zeg ik niet dat mensen en dieren gelijk zijn, maar dat we mensenbelangen vanzelfsprekend vinden en dat dierenbelangen nog steeds vanuit de mens en zijn belangen beredeneerd worden.

2 Comments »

Boeken en animatiefilms

Posted in animals, daily life, Film, films, books, music, politics, veganism by Herman1850
Apr 19 2012
TrackBack Address.

BOEKEN

Het lukt me maar niet om door te lezen in boeken waarin ik ben begonnen. Op de een of andere manier heb ik moeite een boek voor langer dan een paar minuten op te pakken, zelfs als het onderwerp of het boek me wel degelijk aanspreekt. Misschien juist dan: omdat ik geen zin heb een interessant boek te lezen zonder er iets van op te steken, laat ik het liever liggen dan dat ik halverwege het boek niks wijzer ben geworden.

Een boekje dat ik in de afgelopen weken wel heb kunnen uitlezen, is Henk, Ingrid en Alexander, van Alexander Pechtold. Daarin interviewt hij mensen die bij de vorige verkiezingen op de PVV hebben gestemd en probeert te achterhalen waarom ze dat gedaan hebben en of ze dat weer zouden doen. Uit het feit dat ik het heb uitgelezen kan al worden afgeleid, dat het geheel weinig om het lijf heeft. Mensen zijn ontevreden over de politiek en stemmen daarom op de PVV en specifiek op de Grote Blonde Roerganger. Dat is geen nieuws, dus het boekje had net zo goed niet geschreven kunnen worden.

Of de interviews in het boekje integraal zijn overgenomen of dat het selecties zijn weet ik niet, maar van mij hadden al die complimentjes aan het adres van Pechtold niet in het boekje gehoeven. Iedereen lijkt wel een uitzondering voor hem te maken, als ze het hebben over politici. Al dat “maar jij doet het goed” of “jou mag ik wel” of “jouw debatten zijn interessant” gaat toch een beetje vervelen, want het gaat ineens niet meer over waarom mensen PVV stemmen, maar dat mensen eigenlijk D66 zouden moeten stemmen.

Laatst liep ik toevallig in de Selexyz in Utrecht, waar Pechtold vertelde dat hij de smaak te pakken had en meer wilde schrijven. Van mij mag hij, maar ik ben niet zo geïnteresseerd in wat hij verder te melden heeft.

FILMS

Minder lezen laat meer tijd over voor andere dingen, bijvoorbeeld films kijken. Zo heb ik laatst twee leuke animatiefilms van Dreamworks gekeken: Bee movie en Barnyard. Kinderfilms over dieren zijn niet alleen vaak erg grappig, maar ook erg interessant omdat ze iets laten zien over de relatie tussen mens en dier. Al is het alleen maar als je ziet dat alle dieren  op de boerderij van Barnyard praten, dansen en zingen, maar ook dat ze vissen vangen. Blijkbaar behoren die toch tot een andere categorie.

Bee movie

Bee movie is een grappige film over een bij die de veilige korf verlaat, op avontuur gaat en vriendschap sluit met een mens. Zij heeft een bloemenwinkel en zo wordt duidelijk dat bijen nodig zijn voor de bestuiving van bloemen. Je ziet hoe mensen angstig en agressief reageren op bijen en hoe de honing wordt geëxploiteerd door imkers in grote rijen met kassen, afgebeeld als fabriekjes waarin bijen versuft en vervreemd van de buitenwereld leven. In de film spant de bij een rechtzaak tegen het honingbedrijf aan en wint. Zo lijkt het een film die de kijker ervan bewust maakt dat gebruik van honing slecht is, omdat bijen ervoor ge- en misbruikt worden.

Omdat de bijen nu blijkbaar zo veel honing hebben dat ze het niet meer hoeven te maken, stoppen ze met nectar verzamelen en bloemen bestuiven, waardoor de hele wereld verdort en er geen bloemen meer bloeien. Zo laat de film de grote impact zien die bijen op de wereld hebben en hoe groot de gevolgen kunnen zijn als bijen hun werk niet meer kunnen doen. In werkelijkheid lopen we dat gevaar ook, maar dan door massale bijensterfte en niet door bijenluiheid. Nu eindigt de film met de dubieuze moraal dat we vooral veel honing moeten kopen, omdat bijen dan (en blijkbaar alleen dan) nectar blijven verzamelen, en dat we in vredige samenwerking met bijen leven: zij verzamelen nectar, maken honing, bestuiven bloemen en wij … gebruiken honing en bloemen voor onze consumptie

Barnyard.

Barnyard is eigenljik meer een komische film over hoe dieren praten en feesten als er geen mensen in de buurt zijn, maar ook over vriendschap, trouw en verantwoordelijkheid voor elkaar in het leven, met name voor Stier Otis, wiens adoptievader sterft bij het beschermen van de kippenren tegen coyotes. Een soort coming of age verhaal in een komische tekenfilmverpakking, zeg maar.

Ongeveer halverwege, rond minuut 40, komt de boer echter de stal in en wordt hij tegen het hoofd geschopt, omdat hij gezien heeft dat de dieren blijkbaar een verborgen leven hebben. Als de dieren discussiëren over wat er met de boer moet gebeuren—we moeten ‘m mollen!—wordt gezegd dat de boer altijd goed voor ze is geweest, want hij is veganist! Vervolgens wordt uitgelegd wat dat precies betekent. Omdat veganisme bij veel mensen eigenlijk niet precies bekend is, vind ik het leuk om te zien hoe de kijker ermee bekend gemaakt wordt—ook al heeft het varken een beetje een vreemde inbreng.

Bull: “The farmer’s a good guy, he’s been good to us.”
Donkey: “He’s a vegan, God bless him.”
Pig: “And what is a vegan, again?”
Mouse: “It means you can’t eat anything with a face.”
Rooster: “No no, that’s a vegetarian.”
Pig: “Vegetarians have to eat in the dark, right?”
Dog: “That’s a vampire, come on!”
Mouse: “You can’t eat cheese?”
Cow: “It’s not just cheese. Vegans can’t have any dairy products.”
Bull: “Cake?”
[?]: “Cake has egg products. But you can’t have any dairy.
Weasel: “No dairy? I love dairy. Does that mean I can’t be a vegan?”
Pig: “I love the smell of bacon. There, I said it.”

BOEKEN

Zo, het is eruit! Spek ruikt lekker en animatiefilms zijn leuk en leerzaam om te kijken, ofzo. Misschien wordt het weer eens hoog tijd om een goed boek te gaan lezen.


No Comments yet »

Hate Against Heritage: Black Victicrats and the Confederate Flag Battle

Posted in Civil War, politics, USA by Herman1850
Jan 31 2012
TrackBack Address.

The South Loses Again

Well over a century after the Civil War and Reconstruction, the Deep South seems to be caught in a new struggle. After heated debates, and pressures of most notably black organizations like the NAACP, four of five states gave in. Of South Carolina, Georgia, Florida, Alabama and Mississippi, only the latter has not removed the Confederate Battle flag from its public buildings or the design of its state flag. Especially Georgia seems lost in confusion and has, after initial alteration in 2001, changed its state flag again in 2003.

The complexity of the debate notwithstanding, a more in depth view at the arguments will illustrate that the flag-removal was not really necessary. The most avid opponents, prominent African-Americans, would have done better, had they redirected their energy to more tangible problems within their community.

Heritage and Hate

Supporters of the flag say it is actually very simple: the flag was raised during the centennial commemoration of the Civil War, and that is what it refers to. The fact that it was kept aloft only illustrated pride in the Southern Heritage and culture that was defended in that war.

Opponents, on the other hand, see the flag as a racial emblem. “This is, in large measure, what the Confederate flag debate in South Carolinawas all about: coming to terms with newer forms of integration,” K. Michael Prince, author of Rally ‘Round the Flag, explains. “And as in the past, it was the white population that had the most to learn to try to come to grips with the distinction between heritage and history.”[*]

Part of the racial connotation of the flag stems from the notion of slavery people attach to it. During the Civil War, the South fought to preserve slavery, they say, and the Confederate Battle flag was its prime emblem—and still is, for many opponents.

When the flag was raised in memory of the War’s centennial, in 1961, the South was a heavily segregated place—politically and legally. Still flying the flag on public buildings is seen as agreement with political ideas of segregation. This idea is emphasized by the fact that the Confederate flag is often carried by the Ku Klux Klan.

Finally, waving the flag, if not necessarily racist, was seen as exclusion of a large minority from history, as it was seen as White history. “Heritage is not hate,” says Prince, “but heritage is also not history.”[†]

Black History

Yet, if the Confederate flag is white history, it should sound odd that since 2000—the very year theSouth Carolinaflag was lowered—there has been a Black History Month. And there are many colleges in the U.S. that teach African-American Studies, making it look like it is okay to exclusively celebrate the history of selected group, other than whites.

Looking at history, it becomes apparent that the idea that the Union fought against slavery is a misconception. When the Southern states seceded, slavery was legal within the United States, and Lincoln proclaimed in his first inaugural address that he had no intention to do away with the institution. In 1861, he even signed a proposed amendment, which would prohibit Congress from interfering with slavery in the states. Finally, when “Abe” supposedly freed the slaves by issuing his Emancipation Proclamation, he only did so in the states that were in rebellion against the Union.

So, if the war was about slavery, why did the Southern states secede from a slave-holding nation? And why didn’t they rejoin the Union in 1861 or 1862, which would have secured what they were supposedly fighting for? Apparently, their Cause was something other than that “peculiar institution.”

At the time the South was apparently not fighting for slavery, the North was just as racist as the South. Not only in attitude, but also legally speaking, since in the 1860s, several Northern states forbade blacks to live in their states longer than a couple of months. Obviously, the South fought to preserve a slave-holding Confederacy—a racially burdened society. But so did the North, since it fought to preserve a slave-holding Union. All in all, there does not seem anything special about the Confederacy in comparison to the Union—or its flag.

Racism

1961, when the flag was raised again, was not only a time of racial tension, but also the moment of Civil War centennial celebrations. So the flag is not necessary connected to the racial segregation and hate.

Aside from that, racism and segregation have never been exclusively Southern. In 1974, Randy Newman published a song called “Rednecks,” in which he sings “Yes, he’s free to be put in a cage in Harlem, New York City,” commenting on the double standard in interpretation on segregation in the United States.[‡] And clearly, the segregated North was not flying the Confederate flag, but the American flag.

Rene Warfield agrees. She is a South Carolinian who lived in New York for years, and whose idea of the Deep South constituted cotton picking, slavery, and cruelty to black people. But when she moved there, she discovered otherwise: “Black people live here much better than they do in the North. You still find prejudice down here, but not as much as in the North,” she says.[§]

Numbers also indicate a clear change, since the 1960s. According to The Christian Science Monitor, 18 out of 39 black members of Congress come from Southern states, for instance. In 1964, those numbers were 0 out of 5. And there were 1,469 black elected officials in the US in 1970, to more than 9,000 in 2001. More importantly, 8 of the 10 states with the highest number of black elected officials are in the South.[**]

Clearly, political and legal desegregation illustrate the flags at State Capitols are not reflecting racial attitudes of the 1930s to 1960s. Plus, slavery is generally seen and taught as a moral wrong today, and was mainly absent in the motivation of the soldiers and politics in the Civil War. So there is little reason to see the flag as a symbol of slavery or racism, instead of ancestral pride.

As mentioned before, it was expressly put to paper that those slaves under the Union flag would not be freed, whereas those under the Confederate flag would. And the flag of the United Statesflew over the same segregation as did the Confederate flag. The KKK, finally, does not only carry the Confederate Battle flag as its hate banner, but also the American flag. Still, in the eyes of most Americans, the American flag does not deserve as much scrutiny as he Confederate flag.

So there must be something that goes beyond such historical or sociological truths about the Confederate battle flags, and that ignores parallels with the American flag—a symbol, not scorned, but praised instead. What is the reason for people to hate one sign of heritage and praise the other?

Victicrats

The first thing that separates the two is historical education. The Confederate banner is connected to the Civil War, which in turn is seen as a war to free the slaves. Other flags that stand for the same, like the stars and bars, are unrecognized. The U.S.flag, on the other hand, is seen as an almost religious emblem of a divine experiment in government.

Second, it is the perception of the flag and the society it stands for, which makes it different. Prince: “despite all the progress, disappointment creeps in at the edges, along with the feeling among many blacks that they are still not full-fledged members of society, that their history and their perceptions are not given equal weight or equal treatment.”[††] He admits, “Of course, blacks may be hearing things that aren’t there, but one wonders whether the southern traditionalists have a proper appreciation for the connotations their comments conjure up.”[‡‡]

Blacks still very much believe they are discriminated against, and they see this racism reflected in the Confederate flag.

But according to Larry Elder, black libertarian talk show host, racism on blacks is often wrongly perceived. He explains this unjustified perception in his books The Ten things you can’t say in America and Showdown. In the second book, he uses the term Victicrat, to describe someone who tends to lay blame with the outside world, and does not self-reflect.

“The Victicrat mentality says: you-owe-me. It says that forces conspire to pull me down and hold me back,” Elder explains. “Ignoring far more pressing issues, black leaders continue fighting against white racism as if conditions remain unchanged from those in the days of the Jim Crow South.”[§§] Those pressing issues include the high rates of crime and single mothers among African-Americans, but the NAACP aims its blame at white racism and its alleged emblems.

An example of perceived white racism is the issue referred to as Driving While Black. Elder: “True, the police stop more cars driven by black motorists. But when the police stop whites, they are less likely than black motorists to have drugs in the car. So, whites actually have more to complain about than blacks do. After all, when a white is stopped, he or she is more likely to be innocent than when a black is stopped! Where are the ‘white leaders’ screaming about DWW—Driving While White?”[***]

Some agree with Elder. “If you pass somebody with a Confederate flag—so be it. It’s part of history. Just keep going—keep liberating yourself,” says Angel Quintero, co-founder of a company called NuSouth (New South), and designer of a Confederate flag in black, green, and red—colors of Black Nationalism. “The Confederate flag is not stopping us from achieving anything. Bringing down the flag—what did we really gain?”[†††]

Pride

Indeed, nothing was gained by lowering the flag in the named states. The problems of black-on-black violence, high rates of single motherhood, and college drop-outs permeate parts of the African-American community. And the flag supporters are still proud of their heritage.

1974 did not only bring Randy Newman and his observation of racism. It also spawned two important works on American slavery: Fogel & Engerman’s Time on the Cross, and Eugene D. Genovese’s Roll, Jordan, Roll. Even though these are two very different books, contrived by very different methods, they have one important thing in common: they give opportunity to pride in African-American achievements during the hardships of slavery.

So, perhaps, blacks can be inspired by these two books, by African-American Studies and Black History months, to change a defeatist, hateful, Victicrat attitude into something positive. And let the Confederate Battle flag be raised again. Let it be seen as a sign of culture; let people look at it with pride, honoring their ancestry, as likewise people look at the American flag—and see, not just a symbol of 13 colonies and 50 states, or a past of slavery and Native-American genocide, but above all a land of hope, a land of the free, and home of the brave.

 

Sources


[*] K. Michael Prince, Rally ‘Round the Flag: South Carolina and the Confederate Flag, (Columbia:University ofSouth Carolina, 2004), 5.

[†] Prince, 80.

[‡] Randy Newman, “Rednecks,” Good Old Boys (1974) CD.

[§] Gail Russell Chaddock, “How the South changed,” The Christian Science Monitor, (01 July 2004) <http://www.csmonitor.com/2004/0701/p01s02-ussc.html> (20 December 2005).

[**] Ibid.

[††] Prince, 103-4.

[‡‡] Ibid, 86.

[§§] Larry Elder, Showdown: Confronting Bias, Lies, and the Special Interests that Divide America, (New York: St. Martin’sGriffin, 2003), 143-4.

[***] Larry Elder, The Ten Things you can’t say in America, (New York: St. Martin’s Press, 2000), 43.

[†††] Prince, 121, 124.

- – -
Dit artikel schreef ik begin januari 2006. Intussen zijn mijn gedachten enigszins gerijpt en ben ik het met verschillende dingen niet meer (helemaal) eens. Aan de andere kant schreef ik dit ook in de poging een originelere, minder uitgekauwde linkse mening te postuleren aan een universiteit waar die mening niet gehoord en zeker niet begrepen werd.

No Comments yet »
Tagged as: Confederate flag, The South

Going to Carolina in my mind

Posted in politics, USA by Herman1850
Jan 22 2012
TrackBack Address.

Op twitter heb ik mensen al eerder lastig gevallen met dit liedje, dat maar niet uit mijn hoofd wil verdwijnen, maar hier heb ik het nog niet geplaatst.

South Carolina heeft me eigenlijk al jaren gefascineerd, om de enorme rol die het gespeeld heeft rond de Amerikaanse Burgeroorlog. Met de prominente aandacht die het rond de voorverkiezingen gekregen heeft kan ik er eigenlijk helemaal niet meer omheen: ik wil er naartoe! Ik wil de eigenzinnige staat bezoeken waar ze wars waren (en weer lijken) van federalisme, langs historische plaatsen en gebouwen lopen, waar Fort Sumter beschoten is en waar de Hunley te water is gelaten, om 130 jaar later pas weer te worden opgevist. Dat soort dingen, maar ook gewoon omdat het Amerika is.

Ik moet nog maar zien of ik dat allemaal kan plannen, dus tot die tijd moet ik het doen met tripjes naar Carolina in mijn hoofd. En een daar over zingende Stephen Colbert.

The Colbert Report Mon – Thurs 11:30pm / 10:30c
James Taylor & Stephen Colbert – “Carolina in My Mind”
www.colbertnation.com
Colbert Report Full Episodes Political Humor & Satire Blog Video Archive

 

En toen Stephen Colbert deze week ook nog de befaamde woorden “fiddle-dee-dee” sprak, ging ik spontaan mijn zondagmiddag besteden aan een zoveelste keer naar Gone with the Wind kijken. Dat Georgia weinig met South Carolina te maken heeft mag de pret niet drukken. En al mocht het dat, dan wijs ik met de beschuldigende vinger naar Stephen Colbert. Dankzij hem heb ik Carolina in my mind. De hele dag.

 

P.S. Herman “Stephen Colbert” Cain heeft in de voorverkiezingen nog 6.324 stemmen gekregen. Ben benieuwd of het genoeg is om Colbert alsnog een gooi te laten doen naar het Amerikaanse presidentschap.

No Comments yet »

Zieligdoenerij over ongehoorde misstanden

Posted in politics, veganism by Herman1850
Jun 25 2011
TrackBack Address.

Eerder deze week kwam dierenwelzijnsorganisatie Ongehoord met beelden van 26 boerenbedrijven in Nederland, met name om te laten zien welke misstanden daarin plaatsvonden en dat er weinig onderscheid bestond tussen de verschillende soorten boerenbedrijf, zoals regulier, biologisch, of keurmerk. De veehouders, op hun beurt, voelden zich in hun welzijn aangetast door deze in hun ogen eenzijdige belichting.

Media reageerden fluks en boden haastig een podium aan de luid lamenterende boeren die, naar eigen mening, toch zo hun best doen om het bedrijf goed te laten draaien, de boel hygiënisch te houden en hun dieren goed te verzorgen. Bij Knevel en Van den Brink schoof de Groningse eensterrenvarkensboer Annechien ten Have aan, wier bedrijf ook bezocht is door de nachtfilmers; elders klaagde een Limburgse boer over het zwartmakende karakter van de beelden, die zorgvuldig bij elkaar gezocht waren om de stand van zaken zo ernstig mogelijk te doen lijken.

Daarbij moest ik even denken aan de woorden van Harriet Beecher Stowe over slavernij, die ik hier eerder aanhaalde over het welzijn in de intensieve veehouderij: “If the laws of New England were so arranged that a master could now and then torture an apprentice to death, would it be received with equal composure? Would it be said, ‘these cases are rare, and no samples of general practice’?” In haar reactie stelde een lezer dat mensen en dieren fundamenteel verschillen (bijvoorbeeld in bewustzijnsniveau), dus dat mensen en dieren onvergelijkbaar zijn. Toch riekt deze inconsistentie naar willekeur.

Immers, het gaat niet om het verschil tussen mensen en dieren, maar om de argumentatie die ten grondslag ligt aan rechtvaardiging van bepaalde misstanden. De geldigheid van deze argumentatie bestaat logischerwijs onafhankelijk van de aard van de subjecten. Dat het misstanden zijn wordt ook door varkenshouders erkend, zij het slechts half. Ze proberen de beeldvorming teniet te doen door te stellen dat dergelijke nare dingen slechts sporadisch gebeuren, dat ze opgezocht zijn; soms, vreemd genoeg, door te zeggen dat zulke slecht te verkroppen dingen nu eenmaal onderdeel zijn van de natuur: ook daar gaan biggen dood.*

Dat laatste non-argument, dat het leven nu eenmaal niet rooskleurig is, brengt mij bij een analogie die hopelijk belicht wat ik bedoel te zeggen. Gelijksoortige beelden over zorginstellingen voor mensen, zouden niet zo eenvoudig afgedaan worden door een hoogleraar met de volgende sussende woorden: “In het filmpje ontbreekt alle context. Om een oordeel te kunnen vellen, moet je weten hoe de varkenshouder heeft gereageerd. Of hij bij ontdekking de volgende ochtend, meteen de juiste verzorging heeft geboden of heeft ingegrepen.” Ook een eventueel lage frequentie—van slecht verzorgde wonden of pardoes gekreupeld geraakten—zou irrelevant worden geacht. Er zou terecht schande worden gesproken over het feit dat deze toestand überhaupt kon ontstaan.

Het gaat derhalve niet om de dingen die wellicht goed gaan in de veehouderij, maar om het feit dat de misstanden er zijn in een gecontroleerde omgeving die zorg moet dragen voor een bepaald niveau van welzijn. Zoals wij geen genoegen zouden nemen met excuusargumenten van ziekenhuisdirecteuren—dat er toch ook een heleboel goed gebeurt en dat kijken naar misstanden het ziekenhuis alleen maar in een kwaad daglicht zouden stellen—zo moeten wij ook het excuusargument van varkenshouders niet accepteren.

De aangekaarte wantoestanden zijn godgeklaagd en zijn reden om—op zijn minst—beter toezicht te houden op wat er gebeurt bij boerenbedrijven om verder (ernstig) leed te voorkomen. Als boeren inderdaad al hun uiterste best doen en dat dus niet kan, moet geconcludeerd worden (zoals Stowe dat deed) dat de misstanden inherent zijn aan het systeem en het systeem daarmee op de schop moet. De slachtofferrol van de bezochte boeren voldoet niet. Ook zij schieten er immers niks mee op als, wanneer zij in een zorginstelling terecht komen, hun doorligwonden gerelateerd worden aan het welzijn van hun buurman. Hou maar op met dat gemekker. Het leven is immers geen pretje.

- – -
*Overigens ook een veel gebezigd argument voor slavernij: het materiële welzijnsniveau zou er hoger zijn dan dat van veel niet-slaven. Dat argument gaat volledig voorbij aan het mentale welzijnsniveau alsmede of dankzij de waarde die men hecht aan vrijheid, lichamelijke integriteit en autonomie.

No Comments yet »

Actieposters Partij voor de Dieren

Posted in animal rights, politics by Herman1850
Feb 09 2011
TrackBack Address.

 

Image Thumbnail Image Thumbnail

Twee van de prachtige posters voor de Provinciale Statenverkiezingen, komende maand. Aan de muur gehangen (uil) en voor het raam gezet (koe).

No Comments yet »

Megastallen Poll

Posted in animal rights, politics by Herman1850
Feb 09 2011
TrackBack Address.

Op De site van het Noordhollands Dagblad staat vandaag een stelling waarop je kunt reageren:
Megastallen horen bij een agrarisch Noord-Holland

Eerst kun je aanvinken of je het daar wel of niet mee eens bent. Vervolgens wordt er gelegenheid geboden om je antwoord toe te lichten. Hier is mijn toelichting:

“Megastallen horen NIET bij een agrarisch Noord-Holland, omdat de intensivering van de veehouderij ten eerste al ver genoeg gegaan is en ten tweede louter negatieve gevolgen heeft. De dieren worden steeds meer verontachtzaamd (op hun individuele gezondheid en persoonlijke behoeftes kan steeds minder nauwkeurig worden ge(re)ageerd); intensivering leidt tot vernauwing van het boerenbestaan (minder boeren houden steeds meer dieren en concurreren door een groter aanbod de prijs alleen maar naar beneden); veehouderij is slecht voor het milieu (de vervuiling is procentueel en absoluut enorm, door uitstoot en door mest); door grote groepen dieren bij elkaar te houden is de kans op ontwikkeling van ziektes—ook zoönotische ziektes, dus die op mensen overgebracht kunnen worden—steeds groter; meer dieren voeren betekent, in de huidige stand van zaken, nog meer granen als veevoer opofferen, terwijl elders mensen omkomen van de honger en bossen geslachtofferd worden om dat graan of die maïs te kunnen planten.

Met andere woorden: niet alleen zijn megastallen geen goed idee; intensieve veehouderij überhaupt is slecht voor boeren, milieu en niet in de laatste plaats de dieren.”

De tussenstand was, op het moment van schrijven (na 348 stemmen):
Eens: 49%
Oneens 51%

Er zijn dus nog zo’n 170 mensen die de moeite genomen hebben, die serieus opteren voor steeds grotere stallen. Met alle nadelen in het achterhoofd, begrijp ik dat niet.

Als de documentaire en documentatie van Meat the Truth ons iets geleerd heeft, dan is het wel dat (intensieve) vleesveehouderij verantwoordelijk is voor een enorm aandeel van de vervuiling. Die vervuiling brengt behalve onze directe gezondheid, ook de omgeving van de boerenbedrijven en het milieu in het algemeen in gevaar. In die omgeving wordt ons voedsel verbouwd, of moeten mensen leven; met het milieu zijn de levens van mensen, dieren en planten gemoeid—nu en in de toekomst.

Een andere documentaire, King Corn, leert ons dat schaalvergroting heus niet beter hoeft te zijn. Het is een andere agrarische tak, maar onder andere de intensivering van de maïsverbouwing heeft er in de Verenigde Staten voor gezorgd, dat de prijs dusdanig gedaald is, dat landbouwers niets meer verdienen, anders dan de subsidie die ze krijgen van de overheid. Bovendien worden de aantallen boeren gedecimeerd: steeds minder boeren houden het hoofd boven water; steeds minder boeren hebben een steeds groter deel van het agrarische wezen in handen.

Als anderen er geheel andere opvattingen op nahouden dan jij, kun je twee dingen doen: of je twijfelt en denkt dat jouw standpunt misschien een beetje gek is (en vervolgens pas je dat aan), of je balt je vuist en volhardt in je idee, dat de ander misschien beter of anders geïnformeerd moet worden. In dezen geloof ik, dat er genoeg redenen zijn om te denken, dat mijn opvattingen zo gek nog niet zijn. Dus laten we onze mond maar open trekken. Of laten we, als ons de mogelijkheid geboden wordt, maar een uitleg geven bij ons antwoord op de bovenstaande poll.

No Comments yet »

Sint Hannibal in de Herestraat

Posted in animal rights, politics by Herman1850
Nov 18 2010
TrackBack Address.

Motie

In de gemeenteraad van Groningen is gisteravond—of eigenlijk vannacht—gestemd over een motie vreemd aan de orde van de dag. De precieze luiding van deze motie ken ik niet, maar hij bracht te berde de discussie of er tijdens de Sinterklaasintocht van dit jaar (op 20 november) weer olifanten aanwezig zouden mogen zijn. De fractie van de Partij voor de Dieren vond van niet, vandaar dat zij deze motie had ingediend.

Ongeveeer een week geleden werd mijn aandacht hiervoor gevraagd op twitter, specifiek om via dat medium wethouder Karin Dekker (Groenlinks) aan te schrijven vooral niet mee te werken aan het gebruik van olifanten bij de intocht.

Eerste reacties

Mijn eerste reactie op het eventuele meelopen van een olifant bij de intocht van de goedheiligman, die van verbazing, zal weinigen vreemd voorkomen. Roept een bereden olifant hier historische associaties op van Hannibal, die over de Alpen trok met een archaïsche pantserdivisie, de connectie tussen olifanten en de Sint wordt niet zo eenvoudig gelegd. Het is een introductie van een arbitrair element in een verder breed bekende traditie.

Nu zijn paarden, pieten en (stoom)schepen wellicht in de loop der jaren ook vanuit implementatie gegroeid (dat wil zeggen, ze waren misschien aanvankelijk ook geen traditioneel onderdeel), maar deze elementen van de intocht dienen nog een narratieve functie en ze passen goed in het verhaal van een Bisschop die aankomt uit Spanje en met behulp van ondergeschikten en een vervoermiddel mensen van vreugde voorziet. De olifant valt in het geheel uit de toon en maakt van de intocht meer een optocht. Juist bij de intocht is dat niet nodig, omdat het van zichzelf al een energiek feest; het werkt eerder bevreemdend (zonder dat het die functie nastreeft) en leidt af van het eigenlijke feest.

Een andere, emotionele reactie, niet zozeer bij mij maar wel bij verschillende anderen, liet zich veelal uiten als angst—angst voor mogelijk in een mensenmassa losbrekende, niet tegen te houden mastodonten. Verder werden er ook veel links gestuurd naar filmpjes waarin jonge olifanten mishandeld worden in hun training, met de duidelijke boodschap dat circusdieren mishandeld worden, uit de klauwen van hun houders bevrijd moeten worden en logischerwijs ook geen plaats hebben in de optocht.

Aan de andere kant was daar de reactie van het college en in het bijzonder wethouder Jannie Visscher van de SP, aangehaald door rtvnoord: “volgens het college lopen er al jaren olifanten mee en is er geen aanwijzing dat de dieren het niet prettig vinden om mee te lopen. Misschien vinden ze het wel leuk, aldus wethouder Jannie Visscher.”

Het welzijn van de olifant

Dat is namelijk ook een relevant criterium bij het betrekken van dieren in een activiteit: het welzijn van die dieren in die situatie. Als blijkt dat olifanten niet uit een wreed trainend circus komen en ze, gewend aan massa’s mensen en lawaai, niet plotseling in een dolle draf al dan niet aanwezige dranghekken zullen platlopen, lijkt er bij het aandragen van de bovenstaande, voornamelijk emotionele redenen niet zo veel aan de hand.

In dit licht hadden het college—en met haar wethouder Visscher—er goed aan gedaan het onderzoek over Welzijn van dieren in reizende circussen in Nederland (2008) te lezen, dat gedaan werd op verzoek van voormalig minister van Landbouw, Natuur en Voedselvoorziening, Gerda Verburg. In dit onderzoek, uitgevoerd door de Wageningen Universiteit, werd namelijk geconcludeerd, dat “het met het welzijn van de dieren vaak slecht is gesteld en dat met name olifanten er in gevangenschap psychisch en fysiek slecht aan toe zijn.” (Citaat in de Groninger gezinsbode.)

Met deze informatie op zak, luidde mijn bericht op twitter uiteindelijk als volgt:
@Karin_dekker “olifanten zijn er in gevangenschap psychisch en fysiek slecht aan toe” (WU). Maar geen olifanten bij de intocht v Sint, toch?

Morele plicht

Fractievoorzitter van Groenlinks, Mattias Gijsbertsen, zei op twitter (@MattiasGL) “Van GL hoeft die olifant niet.” Dat is—wellicht debet aan de noodzakelijke breviteit op twitter—in mijn optiek nogal zwak uitgedrukt. Als we, misschien niet zozeer met door euforie verblinde lekenogen maar wel in wetenschappelijke objectiviteit, kunnen aanschouwen dat het welzijn van dieren wordt aangetast, moeten we daar iets aan doen.

In mijn ogen hebben we een morele plicht om dergelijk lijden af te keuren en te voorkomen, zeker—maar niet louter—in het licht van de irrelevante en dus onnodige plaats van een olifant bij intocht. Los van mishandeling bij het leren van kunstjes of bij het drijven van de olifanten en los, ook, van de mogelijkheid dat olifanten moeilijk tegen te houden zijn als ze losbreken, zijn olifanten in gevangenschap er slecht vanaf. Olifanten horen in de eerste plaats niet gevangen te zitten en vervolgens niet in Sinterklaasintochten mee te lopen.

Een dusdanig uitsluiten van de olifant zou het lijden niet beëindigen, want het leeft nog steeds in gevangenschap; maar het zou wel een duidelijk signaal zenden—namelijk, dat de gemeente Groningen dergelijk lijden niet wil faciliteren.

Uitslag

Rond 1 uur ’s nachts, op 18 november 2010, werd de motie verworpen door verdeelde fracties: 18 stemmen voor; 20 tegen. Misschien wordt het tijd te verhuizen. Of tijd voor meer actie.

No Comments yet »
Next page »

Follow Me!

 Facebook Twitter YouTube StumbleUpon RSS

By PDGACO payday loans

Categories

Twitter @87books

UTPW Presented by image consultant los angeles

Archives

May 2013
S M T W T F S
« Apr    
 1234
567891011
12131415161718
19202122232425
262728293031  
Powered by WordPress | “Blend” from Spectacu.la WP Themes Club